Opvoeding t’is net als in de voetballerij

Opvoeding t’is net als in de voetballerij

15 jaar campagnes

Dat het alcoholgebruik hoog is onder is behoeft denk ik geen toelichting meer. Jongeren drinken te vroeg, te vaak en te veel alcohol. Al 15 jaar staat dit gezondheidsprobleem op de landelijke en regionale politieke agenda. Campagnes als: “DRANK, de kater komt later” en “Ben jij sterker dan drank?” hebben in het verleden al tevergeefs geprobeerd om verandering aan te brengen in het altijd maar toenemende gebruik onder jongeren.

Focus van jongeren naar opvoeding

Halverwege het afgelopen decennium is er echter een verandering opgetreden in de aanpak van alcohol en jongeren. De focus is verlegd van het beïnvloeden van de jongeren zelf, naar het beïnvloeden van de omgeving van de jongeren. Dat de omgeving van de jongeren belangrijk is voor het gebruik van alcohol wisten we al veel langer. De bovengenoemde campagnes richten zich namelijk op de leeftijdsgenoten en vriendjes van de drinker. Juist zij zouden de belangrijkste beinvloeders zijn in het leven van jongeren. Jongeren beinvloeden elkaar was het verhaal. Vanuit deze gedachte was de stap naar “peer-education” dan ook snel gemaakt. Jongeren die andere jongeren voorlichten over de risico’s van alcoholmatiging. Over het falen van deze strategie is veel te vertellen.

Opvoeding als belangrijke speerpunt

Nieuwe wetenschappelijk inzichten hebben aangetoond dat deze eenzijdige focus op “peers” niet leidt tot het gewenste resultaat. Het blijkt dat ouders en opvoeders een veel krachtigere beïnvloedende rol hebben in het alcoholgebruik van hun kind dan dat leeftijdsgenoten dat hebben.

Het was de Radboud Universiteit van Nijmegen die de nieuwe inzichten aanleverde voor de vernieuwde aanpak van alcoholgebruik onder jongeren. Ouders en opvoeders blijken veel invloed te hebben op het gedrag van hun kind. Ouders kunnen hun invloed het best aanwenden door regels te stellen rond het gebruik van alcohol. Het verbieden als effectieve strategie valt bij ouders zelf echter niet echt in vruchtbare aarde.

Niet onderhandelen, maar regels handhaven

Ouders zijn in de afgelopen decenia opgegroeid in een onderhandelingsopvoeding waarbij juist veel keuzevrijheid bij de jongeren zelf wordt gelegd. Jongeren moeten de ruimte krijgen om te experimenteren. Veel ruimte. Ouders zien zichzelf aan de zijlijn staan om de jongeren bij het experiment van raad en daad te voorzien.  Als een roepende langs het speelveld. Het beeld van gefrustreerde voetbalpappa’s doemt in mij op. Het is die frustratie van het aan de kant staan, wat ouders ook doet verzuchten dat ze geen invloed denken te hebben over het gedrag van hun kind. Niets is minder waar.

Niet langs de zijlijn, maar op het speelveld

De Radboud Universiteit heeft aangetoond dat je als ouder niet langs het speelveld moet staan, maar dat je juist het speelveld bepaald. Je meer opstelt als grensrechter en scheidsrechter. De rol van ouders is dus meer het vaststellen van de grenzen aan het experiment dan het liefdevol langs de zijlijn staan.

Kinderen willen veiligheid, willen grenzen

Kinderen zijn ook niet zo anarchistisch als wij volwassenen denken. Het is niet dat pubers schoppen tegen grenzen omdat hun de grens niet aanstaat. Het is zelfs zo dat het tarten van grenzen en het experimenteren met grenzen aan gedrag alleen kan bestaan bij gratie van het bestaan van deze grenzen en regels. Zonder grenzen geen veilig experiment.

Wanneer een kind niet mag drinken en dit verbod ook echt wordt gehandhaafd, zal het experiment bestaan uit het drinken van enkele glazen alcohol. Jongeren proberen zo net over de gestelde grens heen te gaan. Wanneer jongeren geen regels krijgt opgelegd, of de gestelde regels worden niet goed gehandhaafd is er sprake van een onveilig experiment. De puber gaat in zijn experiment nog steeds op zoek naar de grenzen aan zijn gedrag, maar omdat deze grens door de omgeving van de jongeren niet wordt gesteld gaat hij of zij door totdat het lichaam van het kind de grens aangeeft: een alcoholvergiftiging.

It takes a village to raise a child

Het afbakenen van het speelveld en het handhaven van de regels die het veilige experiment mogelijk maken is dus de belangrijkste taak voor ouders. Is hiermee het probleem opgelost? Nee zeker niet. Het is een belangrijke pijler in een effectieve aanpak, maar zeker niet de enige. De omgeving van jongeren is groter dan de invloedsfeer van ouders. Binnen een gemeenschap zijn er dus meerdere partijen die een rol moeten spelen in het vaststellen van het veilige speelveld van jongeren. Horeca-uitbaters, supermarktpersoneel, leraren, jongerenwerkers, Slijterijpersoneel, coaches en barvrijwilligers zijn slechts een deel van de overige opvoeders binnen een gemeenschap. Zij  moeten de rol van de ouders niet overnemen, maar versterken. Hun rol is niet zozeer ondergeschikt aan die van ouders, maar juist complementair. Ouders kunnen regels stellen wat ze willen, als deze door de gemeenschap niet worden gedragen is het voor ouders een hopeloze exercitie. Wanneer de regels van ouders ook door andere opvoeders worden ondersteund is er sprake van een effectieve aanpak van alcohol onder jongeren.

Laat jongeren weer stiekem experimenteren

Als we nu met zijn allen alcoholgebruik gaan verbieden, is dan niet juist het hek van de dam? Gaan ze niet massaal in steegjes en achter het fietsenhok drinken? Wellicht, dat is namelijk de essentie van het experiment, dat je stiekem wat uitprobeert, stiekem toch een sigaretje proberen, of samen aan en fles ‘passie’ lurken. Dat zal altijd blijven. Het enige wat wij als volwassenen moeten doen is jongeren zo min mogelijk de gelegenheid bieden om te drinken, niet thuis, niet in de kroeg, niet op school en ook niet in de openbare ruimte.

De uitdaging!

Er hangt een enorme spruitjeslucht aan een opvoeding die bol staat van het verbod, maar het is wel de strategie met de meeste potentie. De critici onder ons zou ik willen uitdagen om het te proberen. Veel slechter kan het niet meer worden, met het drankgebruik onder jongeren. Als we iets willen veranderen zullen we de ideeën over het oude-opvoeden achter ons moeten laten en iets radicaal anders gaan aanpakken binnen de opvoeding.

Kinderen verdienen geen moralistische praatjes over hoe ze hun eigen gedrag zouden moeten veranderen. Kinderen verdienen bescherming.

Foto: euthman